Wetgeving

Er zijn diverse wetten van toepassing op het gebied van ongediertebestrijding door gemeenten.

  1. Wet publieke gezondheid
  2. Waterwet en de Waterschapwet
  3. Wet natuurbescherming
  4. Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Wgb)
  5. Bouwbesluit en de woningwet
  6. Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo)
  7. Besluit kleine herstellingen
  8. Warenwet

1. Wet publieke gezondheid (Wpg)

De preventie en bestrijding van plaagdieren is veranderd in de Wet publieke gezondheid. De wet bepaalt dat de gemeente verantwoordelijk is voor de volksgezondheid bij het optreden van dierplagen en dus in gevallen dat die optreden nader onderzoek moet uitvoeren (bijv. inspectie van riolen) en in ernstige gevallen zelf handelend moet optreden. Volgens de Wet publieke gezondheid (Wpg) is de burgemeester verantwoordelijk voor de bestrijdingsmaatregelen als er gevaar is, of dreigt, voor de volksgezondheid. De Wpg heeft op deze wijze een vangnet functie. In de Wet publieke gezondheid is vastgelegd dat de gemeente zorg moet dragen voor de uitvoering van de algemene infectieziektebestrijding, waaronder het nemen van preventieve maatregelen op dit gebied (artikel 6). Hier kan ook de preventie en/of bestrijding van dierplagen toe behoren.

2. Waterwet en de Waterschapwet

In de Waterwet (artikel 3.2A) en de Waterschapswet (artikel 1) is vastgelegd dat het voorkomen van schade aan waterschapswerken door muskus- en beverratten de taak is van de waterschappen. Wanneer bruine en zwarte ratten zich in gebieden bevinden die in beheer zijn van een waterschap, behoort ook de evt. bestrijding van deze dieren tot de taak van het waterschap. Het is lastig precies te zeggen wie op welk moment en in welke situatie verantwoordelijk is voor het tegengaan van overlast door dieren. Voor ratten, muizen en geleedpotigen, ligt de verantwoordelijkheid over het algemeen bij gemeentes. Er zijn echter meer diersoorten die voor overlast kunnen zorgen. Afhankelijk van de diersoort en de context waarin deze diersoort voor overlast zorgt, ligt de verantwoordelijkheid onder andere ook bij provincies en waterschappen.

3. Wet natuurbescherming

Sinds 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming van kracht. Deze vervangt drie wetten;

  • de Natuurbeschermingswet 1998
  • de Boswet
  • Flora- en Faunawet.

De Wet natuurbescherming beschermt Nederlandse natuurgebieden en planten- en diersoorten. Vanaf 1 januari 2017 bepalen de provincies voor hun gebied wat wel en niet mag in de natuur. Zij zijn verantwoordelijk voor de vergunningen en ontheffingen. De Rijksoverheid is dan alleen nog verantwoordelijk voor de ontheffingsaanvragen en de gedragscodes. In de Wet natuurbescherming staat beschreven welke middelen niet mogen worden gebruikt voor het vangen en doden van dieren. Klemmen, lijm en rodenators zijn voorbeelden van deze ‘verboden vangmiddelen’. Echter, onder bepaalde omstandigheden mogen verboden vangmiddelen, zoals klemmen voor bruine/zwarte ratten en huismuizen toch worden gebruikt. In andere gevallen moet ontheffing worden aangevraagd. Dit doet men dus direct bij de betreffende provincie. Gemeenten hebben een signaleringsfunctie, en daarmee ook een verantwoordelijkheid betreffende onze beschermde natuur. De rol die gemeenten spelen bij de wettelijke bescherming van plant- en diersoorten wordt steeds groter. Van oudsher zijn gemeenten beheerder van de openbare ruimte en stellen zij bestemmingsplannen op. Daarbij spelen zij een actieve rol bij het borgen van de aanwezige natuurkwaliteit door het toepassen van bestemmingen en planregels waarbij rekening moet worden gehouden met de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan. Dat laatste houdt in dat voor alle ruimtelijke bestemmingen op voorhand duidelijk moet zijn dat een initiatiefnemer bij plannen voor handelingen en activiteiten zoals bouwen naast een omgevingsvergunning in principe ook een vergunning Natuurbeschermingswet of ontheffing Flora- en faunawet kan krijgen.

4. Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Wgb)

De Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Wgb) regelt de toelating, het op de markt brengen en het gebruik van gewasbescherming middelen en biociden. Gewasbeschermingsmiddelen bevatten 1 of meer actieve stoffen die zijn bestemd om planten of plantaardige producten te beschermen tegen schadelijke organismen. Biociden zijn bestemd om schadelijke organismen te vernietigen, bijvoorbeeld als ongediertebestrijdingsmiddelen of als ontsmettingsmiddelen in zwembaden en ziekenhuizen. Ze worden gebruikt om bacteriën, algen, schimmels, onkruid, ongedierte, insecten, mieren, muggen en muizen te vernietigen of onschadelijk te maken. De Wet gewasbescherming en biociden geeft uitvoering aan de Europese Biocidenrichtlijn 98/8/EG en de Europese Verordening (EG) nr. 1107/2009 voor het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen.

5. Bouwbesluit en de Woningwet

Het Bouwbesluit en de Woningwet bevatten voorschriften over het zodanig gebruik van een bouwwerk, open erf of terrein dat overlast door schadelijk of hinderlijk gedierte wordt voorkomen. De Woningwet (Ww) en het Bouwbesluit bevatten voorschriften over het zodanig gebruik van een bouwwerk, open erf of terrein dat overlast door schadelijk of hinderlijk gedierte wordt voorkomen. Het Wabo-bevoegd gezag (meestal de gemeente) heeft de taak toe te zien op de naleving van deze voorschriften. De niet-naleving ervan kan een overtreding vormen waartegen direct handhavend kan worden opgetreden, zonder dat eerst een aanschrijving vereist is.

6. Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo)

Wet van 6 november 2008, houdende regels inzake een vergunningstelsel met betrekking tot activiteiten die van invloed zijn op de fysieke leefomgeving en inzake handhaving van regelingen op het gebied van de fysieke leefomgeving. De Wabo bevat onder andere een voorschrift zoals: Het aantrekken van insecten, knaagdieren en ander ongedierte moet zo veel mogelijk worden voorkomen. Zo vaak de omstandigheden daartoe aanleiding geven, moet bestrijding van insecten, knaagdieren en ander ongedierte plaatsvinden. In alle te verlenen vergunningen dient een citaat opgenomen te worden betreffende plaagdierbeheer.

7. Besluit kleine herstellingen

8. Warenwet

https://vng.nl/onderwerpenindex/ruimte-en-wonen/bouwregelgeving/vraag-en-antwoord/welke-wettelijke-verplichtingen-heeft-gemeente-om-plaagdieren-te-bestrijden

https://vng.nl/onderwerpenindex/recht/apv%20/vraag-en-antwoord/is-ongediertebestrijding-een-wettelijke-gemeentetaak

Geef een antwoord